13 jan. 2015

Ik ben zwanger!


Ik durf het haast niet aan te kondigen maar... ik ben zwanger van een fotografieprojectje.

Ja, ik weet het, het is belachelijk lang geleden sinds ik voor het laatst iets creatiefs heb gedaan met mijn fototoestel (als je de foto's van onze Amerikareis niet meerekent), maar eigenlijk zit ik al sinds begin 2014 op een plannetje te broeden: eentje waar ik weinig meer voor nodig hebt dan mijn toestel en één lens, en dat toch heel wat engagement van me zal vragen.

Ik noem het... 50-Fifty.

Dit is het idee: vijftig dagen lang maak ik elke dag een foto met het goedkoopste objectief in mijn arsenaal. Dat is de 50mm f/1.8, een klein maar dapper beestje dat bekend staat om zijn flinterdunne scherptediepte (wat in het jargon bokeh wordt genoemd). In lekentermen betekent dat dat je het onderwerp van je foto haarscherp in beeld kan hebben, terwijl de achtergrond is veranderd in een prachtige, romige waas. Wil je alles scherp, dan kan dat natuurlijk ook, daar is dit kleine lensje prima op toegerust, en dat alles aan een absolute bodemprijs. Het lensje wordt ook wel Thrifty Fifty of Nifty Fifty genoemd, en eigenlijk zijn beide bijnamen gepast: het is zowel zuinig als vernuftig.

Maar nu de keerzijde van de medaille. De 50mm is een zogenaamde prime-lens, wat wil zeggen dat je zoomen mag vergeten. Of zoals onze leraar vroeger zei: bij prime-lenzen zoom je met je voeten. Wil je iets groter in beeld, dan moet je gewoon dichterbij gaan staan. Ooit was dat de standaard, maar tegenwoordig, in tijden waar je maar hoeft te pinchen, voelt dat als een flinke stap achteruit. En even over de brandpuntsafstand: 50mm levert een beeld op dat ruwweg overeenkomt met wat het menselijke oog ziet (al is daar discussie over). Concreet betekent dat dus geen geweldige panorama's, en al evenmin fantastische zoomeffecten. Toch weer net wat moeilijker om origineel uit de hoek te komen zo!



En een tweede, en nog belangrijker struikelblok: kwaliteit. Hoe goed dit dolle kleine lensje ook mag zijn, de kwaliteit van de foto hangt nog steeds grotendeels af van de fotograaf. Ik kan met gemak elke dag een foto de wereld in sturen van onze kat, maar wat is daar de toegevoegde waarde van? Als je niet oplet, kom je met dit soort project al snel in het straatje "Instagram-a-day"-clonen terecht. Baggerfoto's met een filtertje, maar wel aan een gestage stroom. En dus zal ik hard naar een interessant beeld op zoek moeten.

Nee. Als ik aan dit project begin (wanneer ik beval, zeg maar), dan wil ik het goed doen. Dan wil ik met een mooie variatie aan beelden komen, en als het even kan nog wat bijleren ook. En dus wacht ik nog even, denk ik. Nog enkele dagen. Of weken. Maar doe alvast je gordel om en zet je schrap, want binnen afzienbare tijd komt een golf 50mm-beelden op je af!