Bij leven en welzijn... nostalgie op de FM-band

12:00


Ik kan niet ouder dan tien zijn geweest, in die schemerige, eeuwig zonnige zomertijd die mijn herinneringen zijn, toen het huis plots op zijn kop stond. Dat van mijn grootouders, bedoel ik dan. Dat was nochtans erg rustig in die dagen - een gezapig opeenvolgen van uren op het ongehaaste ritme van de slingerklok. Kinderen en kleinkinderen kwamen en gingen, maar het huis en zijn inwoners waren rotsen in de branding - rond hun voeten kabbelde het leven van de wereld gestaag voort. Mijn oma regeerde het imperium vanuit de keuken, terwijl mijn opa de stille kracht was die de kleine radertjes aan het draaien hield. Familie, buren, vrienden - altijd zat er wel iemand aan tafel met een kopje koffie of een pintje op zoek naar goede raad of goeie, ouwe gezelligheid. Ze vonden het er altijd. En wij kleinkinderen? Wij kwamen er samen na school en in de vakantie, en schuimden de hele wereld af in onze fantasie terwijl de grote mensen grotemensenzaken bespraken. Rust en warmte; dat zijn de twee woorden die volgens mij het beste omschrijven hoe de sfeer er doorgaans was. En toch, ondanks dat alles, heerste er die dag opwinding in het oude huis. De aanleiding: het Schurend Scharniertje hield op te bestaan. Ik was pas tien, ik had nog geen idee hoe de wereld in elkaar zat, maar zelfs ik besefte al wat een ramp dat betekende.





HetSchurend Scharniertje is een van mijn oudste herinneringen. Ik heb geen flauw idee meer wanneer het juist speelde, maar wat ik nooit zal vergeten, is hoe elke dag op hetzelfde uur het hele huis stil werd, en iedereen zich in de keuken verzamelde rond de radio. Het begon - dát weet ik nog alsof het gisteren was - met die snerpende knars die het programma zijn naam had verleend. En daarna, niet langer dan vijf minuutjes, de zoete stem van Jos Ghysen met die lichte Limburgse ondertoon, die een van zijn cursiefjes voorlas. Hij moet al in de zestig zijn geweest toen ik hem voor het eerst hoorde, een krasse knar met een gulden pen. Het Schurend Scharniertje dat hij in die dagen schreef en voorlas betrof vaak met beeldspraak doorspekte tekstjes, luchtig en diepzinnig tegelijkertijd. Uiteraard begreep ik er als jonge snaak geen snars van. Maar dat moment van samenkomen, wie er ook in huis was, vond ik magisch.




Het Schurend Scharniertje is ruim veertig jaar in de ether geweest, en heeft zich in het collectieve geheugen van heel wat Vlamingen geëtst. Intussen is het scharniertje alweer bijna achttien jaar opgehouden met schuren. En toch, soms, als ik op een zonnige zomerdag heerlijk rustig naar de dansende stofjes zit te kijken, hoor ik het in de verte nog steeds kraken. En de stem van Jos, die kon mijmeren over de grootste dingen in het klein, en de kleinste dingen in het groot.

Sinds het ter ziele gaan van het Scharniertje zijn kinderen geboren en opgegroeid; sommigen zijn nu bijna volwassen. Maar de schrijver leeft nog steeds. Zijn stem is dunner geworden, maar zijn pen is nog steeds van goud. Hij is intussen in de tachtig en leeft samen met zijn vrouw, diep verscholen in de plooien van de tijd. En heel, héél af en toe piept hij nog even de wereld in. Wat hij dan schrijft, vind je hier.

You Might Also Like

0 reacties